Dagboekfragmenten van de evacuatietijd in de Groesbeekse woonkern 'De Horst' bij de zusters Franciscanessen in de periode september/oktober 1944.

 

@ Auteursrechtelijk beschermd. Digitale bewerking Michel Janssen webmaster van Groesbeek het dorp der verrassingen              webmaster@geschiedenisgroesbeek.nl 06-42462230 (na 18.00 uur)

Het dagboek Geschreven door Zuster Marie Joseph 

Groesbeek’s Oorlogswederwaardigheden 1940-1945.

(Van het Horster Franciscanessenklooster aan de Plakseweg. Originele tekst).

  Onder de plotselinge inval van de Duitsche troepen op 10 mei 1940, had ons klooster te Groesbeek, weinig of niets te lijden gehad. Rond 11 uur echter, kwamen onze goede Zusters uit Malden doodmoe en vol angst naar hier, waar het veel rustiger was als aan de grote Rijksweg van Malden naar Nijmegen. De liefde die nu aan de Maldense Zusters werd gewijd, zou het Groesbeekse convent bij hun eigen moeilijke vlucht, naderhand in ruime mate terug mogen ontvangen. Na een verblijf van enkele dagen, konden de Zusters van Malden, toen Nederland zich aan de vijand had overgegeven, op Dinsdag weer naar hun eigen geheel onaangeroerd klooster terug keren.

  De verdere oorlogsjaren verliepen vrij rustig. Behoudens enkele keren dat men het gebouw eens in ogenschouw kwam nemen, voor een eventuele beslagname, en enkele vooral in de laatste tijden, zeer onrustige nachten. Behalve het droevige maar ook mooie vuurwerk boven het Reichswald (n.l. tal van zoeklichtstralers waarin soms vliegtuigen, lichtkogels en brandende vliegtuigen enz.) gebeurde hier verder niets bijzonders.

  De maand September van het jaar 1944, bracht allerlei wilde geruchten over een aanstaande bevrijding. Wat er van waar was ? Wij wisten het niet. Wij gaven ons maar over aan Gods Vaderlijke Voorzienigheid en wachtten verder de loop der gebeurtenissen maar af. De nacht van 16 op 17 September was wel een voorteken, dat er iets bijzonders op handen was. Tal van lichtkogels in allerlei mogelijke kleuren werden uitgeworpen, waarbij Groesbeek en de naaste omtrek als het ware werd afgegrensd. Had dat iets te betekenen ? Dat het antwoord een volmondig “ja” was, zouden wij dezelfde dag nog ondervinden.

Zondag 17 september 1944. De luchtlandingen bij Groesbeek nemen een aanvang.

Voor een vergroting kunt u op één van de bovenstaande foto's klikken

Zondagmorgen 17 September:

Heilige Mis aan huis, door een hier tijdelijk rustende Pater Jesuit. Rond half 11 en hevig bombardement, met daarna geregeld laag dalende jagers, die met boordwapens de begane grond zuiverden van alle mogelijke ongerechtigheden, om daarna weer pijlsnel omhoog te stijgen. Het gevolg hiervan was, dat enkele boerderijen afbrandden, paarden door de Duitschers juist enige dagen geleden gevorderd dood lagen, en het afweergeschut in de buurt opgesteld al heel spoedig onbruikbaar was. Ja, zelfs de Duitschers zelf kozen het hazenpad. Men kon ze door de velden, met de helm op de rug zien wegvluchten in de richting van het Reichswald. De vliegtuigen bleven maar steeds heel laag vliegen, en wij brachten met al onze pension-bewoonsters de uren maar biddend in de kelder door. Electriciteit was verbroken. Van daar een kloppen op de voordeur. Het was ongeveer 4 uur in de namiddag. Vele mensen stonden op de straat, en de Zeer Eerwaarde Heer Pastoor (dit was C. van der Leeden van de Horst) riep al: “ Kom maar uit de kelder, want we zijn bevrijd.”. Een zeer groot aantal parachutisten was in alle mogelijke kleurschakeringen neergedaald. Het was prachtig om gezien geweest. Helaas ! Het ogenblik waarnaar we dus reeds zo lang vurig hadden uitgezien, was gepasseerd zonder dat iemand van ons er iets van had waargenomen. We wisten niet wat er van te denken. Was het gekheid ? Was het waarheid ? Enkelen kwamen nu reeds beweren dat ze de Amerikanen de hand hadden gedrukt. Het moest dus wel waarheid zijn. Kort daarna laden wij wegens de vliegers de 2e Vespers van de Indrukking van de H.H. Wonden in de kapelgang. Terwijl vol innige dankbaarheid aan God, voor deze kostbare bevrijding het “Hagnefeest” (?) in het “Salo Regina” (? onduidelijk) werd gezongen.Nu konden wij dus wat vrijer ademhalen en gingen ’s avonds toch weer boven slapen. We waren immers vrij ! die gehele nacht echter, passeerden er langs het klooster, kleine groepjes soldaten zacht sprekend en achter elkaar lopend. Iets angstigs was het voor degenen die het waarnamen. Waren het Duitschers of Engelschen ?