Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 17 - 18 September 1944

 

 

Terug naar bladzijde 138

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 140

44E Dagverhaal

blz 139

D A G V E R H A A L VAN 17 SEPTEMBER TOT 2 OCTOBER 1944

17 September was door het Geallieerde Opperbevel vastgesteld als de datum waarop de inval in Nederland zou plaats vinden. De luchtstrijdkrachten 1) zouden de overgangen van de verschillende kanalen en rivieren bezetten: van Son over het Wilhelminakanaal, van Vegchel over de Zuid-Willemsvaart, van Grave over de Maas, van Nijmegen over de Waal en van Arnhem over de Rijn. Op deze wijze zouden zij de weg vrijmaken voor de uit BelgiŽ en Frankrijk oprukkende legers. De opmars naar het Noorden had niet alleen ten doel Nederland te bevrijden maar vooral ook om in het hart van Duitsland door te dringen; van Arnhem uit zouden de Geallieerde troepen achter de Siegfriedlinie kunnen komen. De in der haast door de Duitsers versterkte en onvoltooide Yssellinie vormde een hindernis van geringe sterkte vergeleken met de machtige Sieg-friedlinie. Zo als bekend volgde de Siegfriedlinie de linker Rijnoever tot aan de Nederlandsche grens; het Noordelijke uiteinde lag verborgen in de beboste heuvels van het Reichswald. Tussen dit uitgestrekte woud en het heuvelland van Groesbeek ligt een strook vlak land die ten Zuiden stijgt tot de hoogten van het landgoed de Jansberg en deze hoogten vormen de verbinding van de Kleefse heuvels met die van het zogenaamde Rijk van Nijmegen.
De ligging tegenover het zo zwaar versterkte Noordelijke uiteinde van de Siegfriedlinie zou Groesbeek noodlottig worden.
De navolgende bladzijden geven een indruk van de strijd bij Groesbeek in die eerste paar weken. Zij vormen geen volledig verslag van wat ons
- 2 -
dorp in die dagen doormaakte, zij vormen evenmin een volkomen beeld van de ondervindingen van Vogelsanghs bewoners, die zeker ieder voor zich de verschillende belevenissen van een andere zijde zouden hebben belicht. Het is slechts de indruk die een enkel persoon in zich opnam van de gebeurtenissen. Krabbels aan het einde van elke dag neergeschreven soms bij het heldere licht van een electrische lamp maar meestal bij de onzekere schijn van een flakkerend kaarsvlammetje en altijd onder begeleiding van nimmer zwijgende stemmen der vuurmonden, gaven de leidraad voor dit dagverhaal.
Later met een dorpsgenoot over de dagen van de invasie sprekend, maakte hij de treffende opmerking: "en toch, ondanks alles, ben ik dankbaar dat alles beleefd te hebben. Wij weten nu wat oorlog betekent en hebben begrip gekregen voor wat al die anderen doormaakten."
En inderdaad, bij ondervinding kennen wij thans de rampen, de angst en smart, de wanhoop die het woord "oorlog" in zich sluit; de onherstelbare verwoestingen en vernietigingen die de oorlog aanricht.
Doch wij ondervonden ook dat de mens in de vuurproef van het gevaar zich bewust wordt van de krachten zowel als van de zwak-heden die in hem besloten liggen. Wij hebben ondervonden hoe de mens nooit dieper en vollediger leeft dan wanneer hij zich in volle bewustzijn bevindt op de smalle grens tussen leven en dood.
De dood, waarvan ons verstand wel zegt dat wij er met iedere dag een stap dichterbij komen, die wij echter in onze gedachten zo graag verdringen naar een verre toekomst. De onmiddellijke nabijheid van het einde van ons leven, en verminking, hulpeloosheid en pijn, al deze mogelijkheden kon iedere minuut ons brengen. Wanneer de venijnig scherpe granaatsplinters om ons heen spatten beseften wij onze volkomen machteloosheid tegenover het blinde noodlot, een machteloosheid waarbij alle stutten van kennis en verstand waardeloos worden.
- 3 -
Wij hebben leren kennen het heilzame bewustzijn van gevaar, een bewustzijn dat de mens bliksemsnel doet reageren en in staat stelt tot verrichtingen die in gewone omstandigheden verre


     [1] Bedoeld wordt : Luchtlandingstroepen. P.S.

 

Terug naar bladzijde 138

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 140