Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 18 - 21 September 1944 Vervolg

 

Terug naar bladzijde 155

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 157

44F Dagverhaal Vervolg

blz 156

lawaai oorverdovend. In een wijde kring verderop is een volgende reeks batterijen geplaatst: in de kolonies, in 't bos, bij de boerderij van Zeinstra aan de Postweg.
Daar het zich laat aanzien dat ons verblijf in de kelder langer van duur zal zijn dan enkele dagen, gaan wij ons zo aangenaam en gemakkelijk mogelijk inrichten. De grote Samoa-mat uit het tuinhuis werd op de stenen vloer uitgespreid, hierop kwam een laag tafeltje en enige gemakkelijke stoelen; wij behoefden dan niet altijd de bedden voor zitplaats te gebruiken. De portretten van Paultjes ouders - de vader die gefusilleerd was en de moeder die gevangen zat - kregen een plaats op een
- 35 -
van de schappen; naast een rij boeken waar ieder iets van zijn gading in kon vinden. Stafkaarten en een atlas, brei- en verstelwerk, eetwaar en eetgerei; kortom alles wat wij in de loop van de dag of nacht nodig mochten hebben indien wij gedurende geruimen tijd de kelder niet konden verlaten. Dit was een mogelijkheid waarmee wij rekening moesten houden; gelukkig is 't echter nooit voorgekomen. Aan een ieder werden zorgvuldig gespaarde niet-vonkende vooroorlogse lucifers uitgedeeld met de raad het kostbare doosje altijd bij zich te houden. Reeds enige malen hadden wij ondervonden hoe onaangenaam het is wanneer men in deze omstandigheden in het donker niets tot zijn beschikking heeft wat dienen kan om zich licht te verschaffen.
Tegen twaalven luwde het schieten, waarop Ineke en ik het dorp in gingen. Volgens onze gewoonte in die dagen namen wij elk een grote mand vol appels mee om aan de soldaten uit te delen. Hoewel de voeding van de Geallieerde militairen wetenschappelijk was vastgesteld en ongetwijfeld aan de hoogste eisen beantwoordde, toch scheen er een enkele zaak te ontbreken, de soldaten gevoelden althans een grote behoefte aan vers fruit. Jeeps die wij met appels bekogelden hielden hun vaart in of stopten of reden achteruit om de welkome projectielen niet te missen. Wie te voet was stak op onze uitnodiging gretig een hand in de mand om er bescheiden slechts een enkele vrucht uit te pakken. Sommige soldaten bedankten aanvankelijk en bedienden zich pas als wij er op aandrongen en verzekerden een boomgaard vol fruit te hebben. In de eerste dagen van de invasie kwam het wel eens voor dat een enkeling met afschuw en angst in zijn blik ons vriendelijk aanbod afsloeg; net alsof de onschuldige appels handgranaten waren die aanstonds zouden ontploffen.
Pas veel later, toen wij van de soldaten vernamen hoe vijandig zij in een deel van NormandiŽ ontvangen waren en toen wij hun leidraad voor bezet gebied in handen kregen, begrepen wij de verschillende reacties die ons te voren zo vreemd waren voorgekomen. Zo lazen wij in:
- 36 -
"The way you should behave to the Dutch civilian population" het volgende: "Remember that the Dutch may be near to starvation when you arrive. Don't, even if food is offered you, eat too much! Some one may starve if you do!"
En verder: "The enemy will spare no pains to leave behind, scattered among the civilian population, agents, saboteurs and propagandists who will be a continual threat to our security."

Tussen de wijze van optreden der Geallieerden en der Duitse militairen bestond een opvallend verschil. Een enkele uitgezonderd donderden, vloekten en raasden de Duitsers als mensen die hun zenuwen niet meer de baas zijn en de grens van hysteria overschreden hebben. Grimmig vertrokken stond hun gelaat, dreunend stampten hun voetstappen, alsof zij met hun zware laarzen tot zelfs de vijandige bodem vermorzelen wilden. De Geallieerde soldaten daarentegen liepen vrijwel geruisloos op hun zachte zolen, zij keken vriendelijk en maakten grappen. En wat ons het meeste trof: er schalden geen commando's, een ieder scheen op een geheimzinnige manier vanzelf te weten wat er van hem verlangd werd.
In het voorbijgaan zagen wij dat er een groot gat geslagen is in het oude Ottenhofhuis onderaan de Zevenheuvelenweg; gaten gapen eveneens in de jongensschool en in Sunny Home. Overal liggen glassplinters.

 

Terug naar bladzijde 155

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 157