Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 21 - 25 September 1944 Vervolg

Terug naar bladzijde 159

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 161

44G Dagverhaal Vervolg

blz 160

't Was een grote kring die om de geheel uitgetrokken etenstafel plaats nam. Wij, bewoners van Vogelsangh, beseften welk een voorrecht het is gastvrijheid te mogen verlenen en anderen te kunnen helpen in nood.
- 43 -
Na den eten maakte Moeder haar gewone loopje met de honden. Op dat uur van den dag werd er zelden geschoten; maar toch kon Moeder in de ogen van de militairen die zij tegenkwam de gedachte lezen dat die Hollanders toch wel volkomen crazy moesten zijn om met hun honden te gaan wandelen alsof er geen vuiltje aan de lucht was.
Paultje werd te slapen gelegd in zijn kooi in de wijnkelder. Van nu af aan zouden behalve Ineke ook Lies en Jan in deze afdeling slapen. Het bed voor Moeder Jansen was in de grote kelder gespreid, haar zoon Theo vond een plaats op de bank in de eetkamer, ik in de zitkamer en de verdere huisgenoten in Vaders kamer.
Ineke en ik beklommen met Theo en Jan in de loop van de avond herhaaldelijk alle trappen om boven uit te kijken. Doorlopend rommelden de kanonnen, in het blauwzwart van de nacht flikkerde het vuur van de granaten als weerlicht op en neer, de omtrek van onze bomen tekende zich scherp tegen het schijnsel af. De kant van de Horst uit brandden enige boerderijen; soms met een rustige gloed, dan weer met ineens wild opschietende vlammen die de gehele omgeving verlichtten en de zware rookwolken ros kleurden. Wij trachtten na te gaan welke hoeven aan het vuur ten prooi waren doch het was bijna onmogelijk in 't donker de plaats te bepalen. Telkens speurden Theo en Jan bezorgd in de richting van de Lubert, die voor ons verborgen ligt achter het geboomte. In het Noorden stijgen eveneens rode brandwolken tegen de hemel op.
Midden in de nacht klonk een gegil in vaders kamer, waarop echter dadelijk een geruststellende schaterlach volgde. De volgende morgen vernemen wij wat er gebeurd is. De stevige Maria was op de bank gaan slapen en schoon hij een brede zitting had, rolde zij er midden in de nacht af, boven op de hoofden van de slapers die hun leden op de vloer hadden uitgestrekt. De eerste schrik was groot geweest daar zij niet anders meenden of door een bom stortte het gehele huis op hen neer. Zij namen de wijze
- 44 -
voorzorg de hoofdkussens naar de andere zijde te verplaatsen.

Vrijdag 22 September.

In de vroegte vertrokken de boeren naar de Lubert om hun achtergelaten vee te verzorgen, zij zouden pas met het vallen van de avond op Vogelsangh terugkeren. Jan de timmerman bleef bij zijn angstige vrouwtje.
Deze morgen bezocht neef Bolle ons opnieuw, ditmaal zonder begeleiding, hij sprak nu vlot Nederlands. Er werd nogal geschoten, wij ontvingen hem in de kelder. Wij vroegen hem hoe lang het nog kon duren voordat de Duitsers hier teruggedrongen waren. Zijn antwoord luidde: "U zult het nog een paar dagen zwaar te verduren hebben. Als 't heel erg wordt, graaft U dan ieder in de tuin een graf ..." versprak hij zich. Wij maakten een grapje om de onheilspellende indruk uit te wissen, wat maar half gelukte. Bolle verbeterde: "Ik meen een gat, daarin kunt U het veiligst schuilen. Met enkele dagen bent U hier vast wel van 't vechten af." Bij het afscheid verzocht Bolle ons zodra de rest van Holland bevrijd was, een brief aan zijn moeder in Rotterdam te zenden om te vertellen dat hij bij ons was geweest en dat hij het goed maakte.
Alle bewegingen en verplaatsingen van de Geallieerden kwamen blijkbaar op de een of andere wijze onmiddellijk ter kennis van de Duitsers. Zodra er ergens een batterij opgesteld of munitie opgeslagen was, volgde er een hevige beschieting van het bewuste punt. De Amerikanen beklaagden zich, spionnen konden ze aan 't front niet gebruiken, en dreigden met de eis tot evacuatie van het gehele dorp. Tegelijkertijd lieten de Amerikanen, met een volkomen gebrek aan inzicht in de toestand hier te lande, de in het Munitionslager opgeborgen NSBeŽrs weer in vrijheid.
In het dorp vernamen wij de wedervaren van een gezin dat uit Maastricht naar hier is komen vluchten nadat bij een bomaanslag op het station

 

Terug naar bladzijde 159

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 161