Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 27 Sep - 1 Oktober 1944

Terug naar bladzijde 179

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 181

44I Dagverhaal Vervolg 

blz 180

RavensbrŘck opgesloten zat. Afleiden was het enige wat wij konden doen. Wij praatten samen, wij speelden met de beesten en ten slotte sliep de kleine
- 84 -
jongen rustig in. Aan de ene zijde van zijn blonde bolletje keek Beer's bruine snoet met de zwarte neus boven het dek uit en aan de andere kant de grijze kop met de belachelijk lange flaporen van Ezelpaardje. Met open ogen hielden twee trouwe vrienden de wacht.

Donderdag 28 September.

De voorgaande avond begon om tien uur een geweldig kanongebulder dat de gehele nacht zonder onderbreking doorging. Ook rommelden af en toe donderslagen door de lucht, zodat het moeilijk viel te onderscheiden welk lichten en bulderen door oorlogsgeweld en welk door de natuur veroorzaakt werd. Daarbij snorden er nog een groot aantal vliegtuigen door de lucht. Wij vermoedden dat het Wald gebombardeerd werd.
Vannacht deden de Duitsers weer een uitval uit het Wald ter hoogte van de Bredeweg. De Amerikanen laten de Duitsers bij hun uitvallen een eindweegs ongehinderd voorttrekken om hen vervolgens te omsingelen. Naar verluid zijn er deze keer 2500 gevangenen gemaakt.
Vandaag moesten wij alle maaltijden in de kelder gebruiken want voortdurend werden wij verontrust door fluiters.
Het huis geraakte meer en meer onder het kalkstof dat met iedere dreuning van een ontploffing van muren en plafonds afpoeierde. Soms kon een van ons het niet langer aanzien en kreeg een bevlieging om met stoffer en blik het stof te bestrijden. Het was evenwel onbegonnen werk, met een volgende ontploffing daalde het grijze poeier weer neer en langzamerhand werd alles bedekt met een grauwe laag. Wij troostten ons met het voornemen om vˇˇr de winter, als het vrede was, een reuzeschoonmaak te houden en alle sporen van de oorlog uit te wissen.
Lies en Jan Muus begonnen 's morgens welgemoed samen in de schuur hout te zagen waarbij Paultje belangstellend stond toe te kijken. Op zijn vragen mocht hij het ook eens proberen maar bracht er natuurlijk weinig
- 85 -
van terecht.
Fluiters, vlucht in de kelder. De angst kreeg Lies weer te pakken, zij maakte plannen om naar Malden te vluchten maar haar man voelt er weinig voor.
Zodra de rust weergekeerd is, komt buurvrouw Lien appels en wortels vragen voor de kinderen in het Kinderhuis. Iedereen sukkelt daar met maag en ingewanden en bovendien hebben de kleintjes gebrek aan vitaminen; geraspte appels en wortelen kunnen uitkomst brengen. Een paar manden zijn gauw gevuld en Lien wil reeds belast en beladen wegtrekken om slechts enkele tellen later andermaal de kelder in te duiken, samen met een bij de pomp opgepikte waterhalende jongen van het Kinderhuis. Opnieuw fluiten de granaten over onze hoofden.
De voortbrengselen van onze moestuin en boomgaard kwamen menig huishouden in de buurt van pas; er waren zoveel extra monden en aanvoer van elders kwam vanzelfsprekend niet. Wij bevonden ons in een gelijke positie als een belegerde plaats, wij waren immers van alles afgesneden. Het bleek thans een groot voordeel dat Vogelsangh grotendeels in eigen behoeften kon voorzien: eigen water, eigen groenten, vruchten en aardappels, eigen brandstof in de vorm van hout en zelfs eigen meel, n.l. ma´smeel. Zoals vrijwel iedereen in die tijd hadden wij voorts een voorraad rogge en tarwe. En spek - geruild tegen in The Finish gevonden Duitse sigaretten - ontbrak evenmin. Het opmaken van de balans leidde tot de slotsom dat wij het beleg nog geruimen tijd zouden kunnen volhouden.
Ineke heeft bij buurman de Klos de radio-uitzending beluisterd en brengt ons de berichten over: De Amerikanen zijn in het dorp Bemmel. - Later zou Bemmel weer in Duitse handen komen. - De Geallieerde linie loopt thans van Oost-Zeeuws-Vlaanderen over Antwerpen, Turnhout en Eindhoven naar Nijmegen. Arnhem is opgegeven. Meer dan 10.000 man daalden bij

 

Terug naar bladzijde 179

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 181