Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 1 okt - 31 december 1944 

Terug naar bladzijde 187

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 189

44I Dagverhaal 

blz 188

Met grote bezorgdheid vroegen de boeren zich af wat er van hun koeien, varkens en kippen terecht zou komen als niemand er naar om kon kijken. Wat moesten zij nu doen, alles in de steek laten en vluchten? Lies wilde in alle geval weg uit Groesbeek en zij wist de anderen tot haar zienswijze over te halen. Theo ging naar het gemeentehuis om een vergunning te vragen
- 101 -
voor het bezoeken van zijn boerderij; hij wilde er nog eenmaal naar toe om er enige noodzakelijke dingen uit te halen. Verder zou hij moeite doen een paar wagens en paarden te bemachtigen om het een en ander te vervoeren. Deze voorbereidingen tot de vlucht kostten hem een halve dag.
De Dokter kwam naar Lies kijken en verklaarde dat zij thans wel vervoerd mocht worden indien het heel voorzichtig en in liggende houding geschiedde.
Vervolgens verschenen de Dominee en buurman H. om het oordeel van Vader over de gebeurtenissen van de afgelopen nacht in te winnen en om gezamenlijk te overleggen of men zou vluchten of blijven. De beide heren voelden weinig voor vluchten, zo min als Vader en ik. Moeder en Ineke wilden wegtrekken; wij stelden hen voor met Paultje samen met onze boeren mee te gaan doch zij wilden ons niet achterlaten.
Behalve het feit dat wij in de streek waar wij heen zouden moeten vluchten geen mens kenden die wij onderdak konden vragen, weerhield ons ook de gedachte wat er van het huis zou worden wanneer wij het verlieten. Nu reeds verschenen telkens ongure gestalten met kennelijk verzonnen boodschappen bij de achterdeur of dwaalden rondom het huis en gluurden door de vensters naar binnen; alles met het doel om te zien of de bewoners al vertrokken waren en hun vrij spel gaven.
Na het vertrek van de Dominee en buurman H. begon het schieten opnieuw en wij gingen de kelder weer in. Van een korte onderbreking maakte Jaap van de Dokter gebruik om een boodschap van zijn vader over te brengen; Lies moest maar met de Doktersauto die thans in gebruik bij de O.D. was, weggebracht worden. Inderdaad zou dit de veiligste en minst schokkende wijze van vervoer zijn, doch wij hadden juist vernomen dat de wagen net naar Nijmegen gebracht was om hersteld te worden en wie wist wanneer hij terug zou komen? - Wat nu? - De zwaar gewonde Hein was door een Amerikaanse ambulance
- 102 -
vervoerd, misschien zouden wij voor Lies eveneens hulp van de Amerikanen kunnen verkrijgen. Op ons verzoek zorgde de Dokter voor een medische verklaring, hoewel hij het welslagen van de onderneming betwijfelde.
Met onverminderde kracht ging het bombarderen nog steeds door; het dorp was als uitgestorven, slechts een enkele man liep over de weg, een van de O.D. met de oranjeband om de arm. Het was een opluchting binnen de beschermende muren van Mariendaal te komen. Op mijn verzoek bracht men mij dadelijk naar het tot hospitaal ingerichte gedeelte, doch de Dokter was niet aanstonds te spreken, hij nam een bad na de inspannende nacht. Geduldig wachtten wij in de gang.
De twee Amerikaanse militaire doktoren werkten vrijwel onafgebroken dag en nacht door, afwisselend de een in Mariendaal en de ander in het voorterrein. Gedurende die eerste paar weken zijn in de sector Groesbeek drie duizend man gesneuveld; volgens de gebruikelijke berekening kunnen wij het aantal gewonden veilig op het driedubbele van het aantal doden stellen.
Mariendaal was eigenlijk geen hospitaal meer doch slechts een verbandplaats. De zalen van het klooster die de Duitsers als Lazaret dienden hadden de Amerikanen voor een zelfde doel in gebruik genomen. Evenwel werkte hier gelijk elders het Rode Kruisteken als een magneet op het Duitse vuur; het gebouw werd doelwit voor beschietingen en op verscheiden plaatsen getroffen. De Amerikanen brachten hun gewonden naar het Heumense klooster, dat daarop eveneens beschoten werd. Bij een veldhospitaal dat op het Maldens vlak temidden van de bossen gelegen was, heeft men na een zwaar bombardement ondergaan te hebben wijselijk de Rode Kruisvlag verwijderd.
De dokter, een Italiaan, verscheen ten lange leste; merkbaar opgefrist door het bad na de inspannende nacht. Ik legde hem ons verzoek voor, waarop hij mij met zijn donkere scherp onderzoekende ogen aankeek: "U wilt die

 

Terug naar bladzijde 187

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 189