Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 8 - 18 oktober 1944 Vervolg

Terug naar bladzijde 223

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 225

44N - Vervolg dagverhaal

blz 224

In de keuken van de van Tilborg's is het stil, de meisjes zijn gaan dansen op het bal dat de Engelse vliegers geven. Jack en Frank zitten verveeld voor zich uit te kijken en roken ontelbare sigaretten. De jongens stellen een spelletje kaart voor, ernstig, zwijgend wordt er gespeeld. Het zachte zoemen van een herfstmug verbreekt de stilte met een zomers geluid.
"Hé, zijdde-gé nie naar den Batenburgse kermis gegaan?" spreekt Vader van Tilborg en op mijn verbaasde vraag wat hij daarmee meent,
- 54 -
legt hij uit dat er vandaag kermis in Batenburg gehouden wordt en half October de muggen meestal verdwenen zijn, beweert men in Ravenstein dat zij dan naar de kermis zijn gegaan en in Batenburg hun winterkwartieren opslaan, omdat 't hun daar beter bevalt. Jack en Frank willen weten waarom wij lachen en als Miss Groesbeek het grapje vertaald heeft, komen de tongen los, de kaarten worden opzij geschoven: "dat herinnert me aan .....", het ene verhaal volgt het andere. Zeer toepasselijk worden wij middenin al die oorlogsherinneringen opgeschrikt door de scherpe knal van een geweerschot op de Plaats. De Engelsen springen op en draven naar buiten, op de voet gevolgd door onze jongens. Als zij terugkomen vertellen zij dat de inspecterende officier in de duisternis geen schildwacht bemerkt had en dus doorgelopen was. Waarom de wacht hem niet aangeroepen had, is niet duidelijk. In alle geval, bij de nadering van de zwarte schim had de soldaat een schot in de lucht gelost en dat was al. Dit voorval werd eveneens aanleiding tot het ophalen van allerlei herinneringen, ook voor onzen Schra. Zij waren het er over eens dat hoe donkerder de nacht is, hoe meer men zich ten slotte verbeeldt te zien; aan alle kanten meent men beweging te bespeuren en 't oor verneemt duidelijk zuchten en 't kraken van sluipende voetstappen. Ook Schra weet hiervan mee te spreken.
Ongemerkt is het middernacht geworden als Moeder van Tilborg ons eindelijk naar bed jaagt. Brommend stelt Vader van Tilborg vast hoe laat het al is "en de meisjes nog niet thuis."
Den volgende avond vertelt Schra dat de mannen van Vrij Nederland een Duitse spion gevangen hebben genomen die op klaarlichten dag midden op de Ravensteinse markt aantekeningen stond te maken.
Terecht geboden de Geallieerde instructieboekjes: "There must be no relaxation of security-mindedness and suspicious alertness."
Toch waren de kwade vermoedens niet altijd gegrond. Onze Engelse vrienden vertelden ons een keer dat men vanaf de overkant van de gracht lichtseinen opgemerkt had die uit een der huizen
- 55 -
van de Plaats werden gegeven. Zij waarschuwden ons vooral nergens licht uit huis te laten schijnen want daar zou onmiddellijk op geschoten worden. Terecht verdachten zij ons van deze onvoorzichtigheid. Wanneer de duisternis inviel, bleven wij zo lang mogelijk schemeren om licht te sparen en pas bij het eten van de avondboterham werd een klein kaarsje opgestoken. Eerst moesten dan de luiken gesloten worden, een lastig werkje om in den donker op het gevoel te doen en eerlijk gezegd staken wij het kaarsje dan wel eens wat te vroeg aan, 't ging zoveel gemakkelijker met een beetje licht.
Wij gevoelden ons veilig en wèlbewaakt onder de hoede van onze vrienden. Een schildwacht zorgde dat niemand ongemerkt de Plaats betrad, die geheel gevuld stond met legerwagens. Om de Walstraat te bereiken moesten wij onze weg zoeken langs een doolhof van nauwe doorgangen. Iedere avond werd de opstelling veranderd als voorzorg tegen mogelijke overvallen. Nooit wist men van te voren hoe de wagens zouden staan bij terugkomst en menigmaal 1) botsten wij in 't donker tegen een voertuig op, wanneer de wacht even draalde met bijlichten.
De Duitsers stonden nog steeds op korte afstand en bleven geduchte tegenstanders. Was niet Den Bosch zelfs nog in Duitse handen? Iedere avond, als wij met de honden de Molenberg omwandelden, zagen wij van dat hoge punt duidelijk het beschieten van Brabants hoofdstad. 't Was een naargeestig schouwspel vanaf de toch al sombere Molenberg. Op het oude bastion tekende het


     [1] Hier staat een "V" en een "2" in de tekst, de betekenis ervan heb ik niet gevonden. P.S.

 

Terug naar bladzijde 223

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 225