Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode Circa 21 Maart terugkeer Vervolg

 

Klik om de foto te vergroten... Klik om de foto te vergroten...

 

Terug naar bladzijde 283

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 285

45A - Terugkeer Vervolg

blz 284

Maas als en verre echo van den oorlog doch als een gevaarvol dreigende donder. Boven deze basso continuo uit laten de meezen hun vreedzaam zagende slag hooren en de vink herhaalt onvermoeid zijn eentonig zinnetje. 't Is alles zo vreemd en toch vermengd met het vertrouwde van vroeger. Vroeger, hoe lang lijkt dit geleden.
- 7 -
En dan komt de schok. Wij loopen rondom het huis. Uit een voorraam fladdert een flard gordijn; leeg, geheel kaal en uitgehaald de kamers er achter. Geen meubels of gordijnen of schilderijen, een naakte vloer waarop enkele verhakte stukken mahoniehout liggen. Achter het huis vinden wij een der gebeeldhouwde deuren en de kap van de oud-Hollandsche kast benevens enkele kleine meubeltjes. In een onberedeneerde poging om iets nog te redden dragen wij een paar stukken naar binnen.
Onze Captain komt met den Commandant, Major Walker, naar ons toe, welke laatste op den man af vraagt: "You want to stay here?" En even rechtstreeks het antwoord: "If possible, yes." Hierop volgt zijn vraag of wij het huis al van binnen gezien hebben en hij leidt ons rond. De vreemde thuiskomst.
Het witte marmer van de gang niet langer half bedekt met Perzische kleeden doch schuilgaande onder een grauwe laag vuil; in een hoek staan de platen van wanden en trappenhuis op een stapel gezet om weggehaald te worden ..... De trappen zonder loopers en met spaanders afgesleten. Echter, wonderlijk genoeg, in zijn hoekje op het bordes staat ongerept het oude teergroene kastje met zijn fleurige beschildering van musiceerende dames en heeren in een droomlandschap van hooge boomen en wazige bergen.
Boven een vaag gebaar naar deuropeningen afgedekt met stukken van kleeden en matten: "We are sleeping there" en dan bij mijn zitkamer met een zekere trots: "This is our mess, we made it a bit homely." Een enkele blik toont dat van de oorspronkelijke inrichting enkel de piano en de spiegel nog aanwezig zijn. In de schoorsteen staat een vreemd haardje te wankelen op een slordige stapel cementtegels; bij een paar speeltafeltjes zijn drie soorten van stoelen samengebracht: de strenge Lodewijk XVI met groen damast bekleeding, sierlijke met parelmoer ingelegde Fransche Empire en Willem III in zijn degelijkheid van gekruld mahonie en rood fluweel, bien étonnées de se trouver ensemble. De Major vertelt met zijn rustige wat matte stem hoe hij bij zijn komst in huis de piano geheel onttakeld vond, hij had hem weer in elkaar gezet, maar het ivoor dat van de toetsen gepeuterd was, kon hij er niet weer opmaken, het was weg. Hij wijst op een plaat van Mauve,
- 8 -

ontbreekt

- 9 -
staat de kerkdeur uitnoodigend wijd open. Gaten in muren en zoldering, gebroken vensters, waardoor de wind speelt en de zon onbelemmerd naar binnen schijnt, maar volledig rijen zich de banken, in afwachting van de trouwe kerkgangers en op de avondmaalstafel ligt als immer de opengeslagen oude bijbel. In de hooge linden buiten slaan de vinken hun beurtzang.
In 't Doktershuis is leven. De Dokter, zijn vrouw en dochter vertellen hoe zij telkens vanuit Nijmegen overkomen om wat orde in de chaos tee scheppen; naar 't resultaat te oordeelen heeft hun actie voorloopig nog weinig succes, 't geheele huis ligt een paar voet hoog met rommel. "'t Is overal zoo'n rotzooi" verzekert de Dokter. Inderdaad vertoont ook Lien's huis eenzelfde beeld, althans de bovenverdieping. Beneden is het volkomen leeggehaald, een dikke laag roet en smook en vet bedekt wanden en vloer en zoldering.

 

Terug naar bladzijde 283

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 285