Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 28 mei 1945 slot

 

Terug naar bladzijde 299

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 301

45F - Terugkeer slot

blz 300

{Uit de bundel TERUGKEER}

Uit: "DE GELDERLANDER" 28 - 5 - 1945.

Op 2 October 1944 moest Groesbeek met zijn 10.500 inwoners verplicht evacueeren, deels naar het Zuiden des lands, deels naar BelgiŽ, terwijl de geheele parochie de Horst door de Duitschers werd meegevoerd naar Duitschland en bezet Nederland.
Thans, na ruim een half jaar gedwongen afwezigheid, keeren of willen de Groesbeekers terugkeeren naar hun haardsteden, have en goed.
Wat vinden zij in Groesbeek terug?
Er is bijna geen woongelegenheid, waar moeten zij worden ondergebracht? Moeten zij nog langer in den vreemde blijven?
Er komt iets kijken voor een plaats van ruim 10.500 inwo-ners, die over niets meer beschikken zooals beddegoed en alle overige in de eerste plaats noodzakelijke huishoudelijke artikelen. In welke omstandigheden verkeeren de Groesbeeksche zakenlui na een half jaar gedwongen sluiting?
Is het noodzakelijk dat zij nog langer gedupeerd moeten blijven? Om U cijfers te noemen: van de ruim 1216 woningen in het dorp Groesbeek zijn er 502 totaal verwoest, de overigen gedeeltelijk bewoonbaar slechts, want niet ťťn huis is onbeschadigd gebleven daar uit zoo goed als uit alle huizen de deuren, ramen, kozijnen en plafonds verdwenen zijn, alsmede de inventaris.
2 Parochiekerken met de pastories, 2 kloosters en 2 scholen werden totaal verwoest, terwijl 2 scholen en 2 kloosters nog gedeeltelijk bewoonbaar zijn.
Op 28 Juni 1944 bestond de veestapel in Groesbeek uit:
1805 stuks rundvee, 1977 varkens, 414 paarden, 9012 kippen.
Op 1 April 1945 bestond de veestapel in Groesbeek uit:
201 stuks rundvee, geen varkens, 86 paarden, 120 kippen.

Ongeveer 50 personen werden in Groesbeek door oorlogsgeweld gedood. Door thans nog bijna dagelijks plaats vindende ontploffingen vallen er nog telkens slachtoffers. Velen verliezen een ledemaat, oog, enz. of het leven. Is het U bekend dat bij dergelijke ongevallen geen auto aanwezig is om deze patiŽnten naar het ziekenhuis te vervoeren?
Wanneer worden de lijken begraven van burgers en militairen die er nog liggen? Wanneer worden granaten en mijnen opgeruimd? Als het te laat is misschien?
Wreed heeft de oorlog hier huisgehouden; het is dan ook bijna niet te begrijpen waar de inwoners den moed vandaan halen om weer opnieuw in een zoo gevaarlijke omgeving te beginnen.
Nederland zal, doch ook Groesbeek zal en moet herrijzen.
De wil hiertoe is aanwezig, de inwoners doen wat zij kunnen en werken onvermoeid, de plaatselijke instanties doen wat zij kunnen, doch de middelen ontbreken.
Wanneer de Overheid ons wil helpen aan datgene wat noodig is om aan de eerste behoeften der menschen te voorzien, zooals noodwoningen, ledikanten, beddegoed, stroozakken, huishoudelijke artikelen, enz. dan zal ook Groesbeek kunnen juichen en feestvieren, zij het dan ook op de puinhopen, want Groesbeek moet herrijzen.
Daarom niet langer woorden, doch daden.

{Einde 45F}

 

Terug naar bladzijde 299

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 301