Het Dagboek van Mej. P Dozy (1946 - 1972) over de periode 4 Jan - 31 Dec1947 Vervolg

Terug naar bladzijde 327

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 329

47A - SCHRIFT-2 Vervolg

blz 328

ijsvlakten, men vreest voor de rogge. Naar Amsterdam, ook ijsvlakten bij Abcoude. Om 10 uur uit Groesbeek, om 2 uur in Amsterdam.
[vel 25]

Nog veel sneeuw in de stad, op wallen langs de voetpaden, vuil en rommelig. Bij Kerkhoven verhalen over hongerwinter, mr. de Ranitz vertelt hoe hij om de razzia's te ontgaan langs steegjes naar 't kantoor sloop, soms, als 't aan den gang was, een willekeurig huis binnen. Telde eens op een tocht door de stad zes menschen uitgestrekt op den grond, dood of bewusteloos. "Je moest jezelf wel dwingen om hard te zijn, je kon toch niet helpen."
Amsterdam ziet er versleten en haveloos uit, maar toch vol moed om weer op te bouwen. Den Haag daarentegen vergane glorie, als een moedelooze gepensionneerde. Den Haag ook heel erg geschonden, triestig en hopeloos.

Zware ontploffing van bunker te Velzen op Zondag 16 Maart; in Santpoort veel ruiten gebroken.

April. Telkens weer ontploffingen van munitie die vernietigd wordt en telkens zware branden in 't
Wald. Met ploegen wordt hier en daar nog een mijn opgeploegd. Ongeluk van Ostendorp de koperslager en pastoor Jansen met granaathuls die voor klokge-wicht moest dienen. O. sloeg er tot 5x op om ev. achtergebleven kruit tot ontploffing te brengen; daar er niets gebeurde, goot hij er 't gloeiend lood in en juist toen pastoor J. er zich over boog, ontplofte de boel. O. zelf had verscheiden roode plekken in 't gezicht, pastoor J. zag er volgens zijn zeggen als een sneeuwpop uit, zoo zat hij in 't verband. De brillen redden hun oogen.
[achterzijde vel 25]
1947 April vrij koud, droog, storm, de akkers stuwen.

28 April bij Mien Theunissen op de Dennenkamp, Friesche houten noodwoning, aardig en
warm. Vee in Nissenhut, 2 koeien, een paard. Paard had als krib een granaatkist van 1.20 lengte, de twee hennen waren te broeden gezet in kleinere hooge granaatkist. Vrouw Th. zeide dankbaar: "Wat gelukkig toch dat ze ons zooveel bruikbare dingen achter hebben gelaten, ook al die kleeren, denk eens aan!"
Mien vertelde van 't paard hoe het iederen morgen terwijl ze de koolraap sneed, ongeduldig rammelde met zijn krib - wat een helsch spektakel maakte - om ook een koolraap te krijgen.

Eind Mei begint onze actie voor handteekeningen verzamelen Rijkseenheid, voortgezet tot 't oogenblik dat op Zondag

20 Juli onze troepen in Indië voorttrekken. Op 20 Juni 's avonds in Nijmegen bijeenkomst
met het Arnhemmer Comité, maakte daar kennis met den oud-Commissaris d.K. Heemstra.
Tweede helft van mei warm, tot Maandag 9 Juni, toen Zus Linck en ik naar Giethoorn gingen. Koud en regenachtig. Bij terugkomst in Groesbeek Dinsdag 17 Juni warmer.
Er volgt periode van groote hitte, b.v. op Zaterdag 28 Juni 96 graden Fahr. {35 oC} in de schaduw.

Begin juli kouder, met name terwijl ik in den Haag was: 8-10. Den Haag desolaat, de fleur is er
af. Met freule Six op zolder Oudemanshuis om meubels uit te zoeken. Daarna weer warmer, tot gloeiend. Grasland verschroeid, koren rijpt te vroeg, hier en daar al op 10 Juli gemaaid.

[vel 26]

{In linker en bovenmarge: 1948. Later bleek de gierkelder leeg te blijven, de leiding er naar toe werd opgegraven: de verbindingen tusschen de buizen lekten. Toen deze dichtgemaakt

 

Terug naar bladzijde 327

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 329