Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 15 Juni?? 1941 Vervolg

Terug naar bladzijde 41

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 43

41E BLOK Vervolg

blz 42

vel IV

heenstappen en de onschuldige slachtoffers te hulp moest komen 1). De tentoonstelling wilde ook bewijzen dat de internationale gedachte v.d. Vr. zoo verderfelijk was. M.i. bewees deze tentoonstelling voor iedere wèldenkende bezoeker juist het tegenovergestelde van wat ze bewijzen wilden: de handige D. propaganda schoot zijn doel weer eens voorbij. Van het vernielde kristallen drinkservies door Prins Frederik geschonken stonden enkele glazen, die de verwoesting overleefd hadden, op een tafel in een hoek. Het geschonden portret van de Koningin was onzichtbaar. Het kostbare tafelmiddenstuk van vermeil{?} of goud met diamanten ingelegd, eens aan Prins Frederik gegeven, pronkte zeker als bewijs van de ongeoorloofde luxe van de Vr. op een in het oog vallende plaats. Evenals de vitrine met boeken door Vr. geschreven tegen het tegenwoordige D. regime.

Leiden. Prof. Meyers huis was juist door de D. in beslag genomen. De familie moest het in 24 uur ontruimen en men mocht enkel het lijfgoed en de bibliotheek meenemen. De studenten zijn zoo gauw als het bericht hen bereikte, te hulp gekomen met een verhuiswagen, hebben een keten gevormd van de studeerkamer tot de straat en zoo in een minimum van tijd alle boeken verhuisd. In 't najaar heeft de vriend van prof. Cleveringa, prof. Telders, de beroemde rede v.Cl. willen uitspreken, zeggende dat hij het risico beter op zich kon nemen, daar hij vrouw noch kinderen heeft. Cl. weigerde dit aanbod aan te nemen en nu zitten ze beiden in Scheveningen. In L. zijn nog eenige andere rijke Joden uit hun huizen gezet.
Van Haagsche Schouw gewandeld n. Valkenburg. De oude boerderij Rijnvliet is gedeeltelijk stuk geschoten. Een eindje hierachter ligt het vliegveld; ... de hangars handig geplaatst en verborgen onder camouflage-netten, op de plaats waar volgens de kaart een boschje ligt. Op de weg naar Valkenburg nog eenige beschadigde en verwoeste huizen. Van V. zelf is het geheele midden vernield. De mooie oude kerk is geheel verdwenen, op de plaats er van, in de kerkheuvel, zijn begraven 12 Holl: meest sergeant-vliegers, en 57 D., ieder in een afzonderlijk gedeelte. Bij de D. een groot opschrift: "Wir starben aüf daß Deutschland lebe". Een schooljongen die er langs kwam, zong luidkeels: Oranje boven.
Het groote witte huis van den ouden dokter aan de Rijn is zwaar beschoten geweest. De oude mevrouw heeft zich op een vlot moeten redden, in den nacht van tien Mei. Hiermee heeft men haar naar het huis van haar zoon in Katwijk gebracht. Op de schuttingen van Katwijk aan zee staat leve de Koningin. Aan en in zee veel menschen met hun kinderen. De D. wandelen langs de zee, doch gaan er niet in. Na zes uur 's avonds is de zee verboden voor de Nederlanders en dan gaan de D. pas zwemmen. Zag langs de strandboulevard veel Katwijksche visschers die onverstoorbaar toekeken naar D. enkel een tinteling in de oogen en een korte opmerking af en toe, waarbij de lippen nauwelijks bewogen.
Indische prins die in Leiden studeerde, moest zijn hond - een reuzebeest - achterlaten, toen zijn vader zwaar ziek was en hij overhaast p. vliegtuig naar Indië vertrok. Vrienden verzorgden de hond verder, doch hadden ten slotte geen eten meer voor 't groote dier en meenden het te moeten afmaken. Een artikel in de krant bracht uitkomst: van alle kanten kwamen giften en gaven en bons voor den prinselijken hond binnen.
Bloedtransfusie D. Wien Neerlandsch Bloed.
In de Peel hebben de D. mannen en vrouwen als scherm voor hun troepen uit laten loopen. Ze hadden eerst hun rok- en broekbanden doorgesneden, om te maken dat ze niet vlug weg konden loopen.
Overal hangt op de ramen v.d. café's, enz. het bordje: Joden niet gewenscht. Ze mogen ook niet in Scheveningen of in de parken komen, noch in bioscopen of concertzalen en schouwburgen


[1] In de bovenmarge: Het Vr.huis in Bilthoven is van binnen totaal vernield; tot zelfs de leidingen van gas en water zijn weggebroken. De loge in Arnhem had slechts één cent in kas, toen alles overgegeven werd. Maar alle schulden waren betaald.

Terug naar bladzijde 41

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 43