Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 15 Juni?? 1941 

Terug naar bladzijde 43

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 45

41E BLOK Vervolg

blz 44

{vel VI}

W. te arresteeren, die geen woord meer onder vier oogen met zijn vrouw mocht wisselen, wat ook niet nodig was. Bij hun vertrek verboden zij de familie om vr een bepaald uur den volgenden dag (10 uur?) het huis te verlaten en strekten dit verbod ook uit tot het buurhuis. De motorrijder die iedere morgen vroeg langs kwam. Alles voorbereid.
Assen. Op 10 Mei 1940 kwam een tank op Brink of Markt en werd bezit van de stad genomen. Later een afdeeling huzaren en vervolgens kwamen de bezettingstroepen. Door Westerbork zijn D. vrachtwagens getrokken met oranje lap over de huif.
Zag de schade die de bommen hebben aangericht die van den winter vielen. Aan den overkant van den Vaart bij het Concerthuis is een huis uitgebrand, eveneens het achterhuis van den bakker op de hoek van de Gymnasiumstraat en eenige huizen in de tegenwoordige Eschstraat. De overburen vertelden mij hoe ook bij hen ruiten en voorkamers vernield zijn. Het beschadigde huis in de van Meursstraat is vrijwel hersteld. Eerst vielen brisantbommen, die gemunt waren op de kazernes en nog eenige huizen aan de Vaart aan den achterkant beschadigd hebben. Daarna brandbommen in een kruis over de stad. Den burgemeester werd later door de D. commandant gezegd: "Das waren Eng. bomben, da wissen Sie", en toen hij dat ook na herhaling niet beaamde, heeft hij ontslag gekregen.
Gloeiende rit in de stoffige stoomtram naar Schoonloo, daar mij bij Takens even verfrischt met een ranja en er mijn bagage achter gelaten. Door de staatsbosschen begeleidde Boer uit Westerbork mij een eind en bood mij ook een plaatsje achter op zijn fiets aan, wat ik echter afsloeg. Kwam nog onverwacht in 't Heidehuis aan, waar men zich juist opmaakte om mij tegemoet te gaan, maar natuurlijk had niemand het juiste uur van aankomst van de tram geweten. Iederen nacht kwamen veel vliegtuigen over. In den nacht van Zondag op Maandag opgeschrikt door hevig schieten in de lucht, zooals we later hoorden: twee D. vliegtuigen die een Eng. achtervolgden, van Beilen over Zwiggelte en Elp en verder naar Orvelte toe. We sprongen uit bed en zagen vanuit het trapraam een plek als van een lichtkogel in 't Z.O. 't Licht werd feller en verlengde zich naar beneden toe, vervolgens ineens in de breedte, het viel met een loeiend geluid, een groote felle gloed en verscheiden tellen later een zware ontploffing. Het benzinereservoir was eerst in brand geschoten en bij het neerkomen vloog de geheele bommenlast in de lucht. Dat was even achter de Orvelterbrug, bij Rodermond. De gloed was zoo hevig geweest, dat men er aanvankelijk niet bij kon komen. Drie vliegers vond men terug, twee geheel verkoold, de derde zonder hoofd. Pas na eenige uren de vierde met groote snede door de buik, hij leefde en werd voorloopig verbonden. De kok van het werkkamp, een gewezen zeeman, kon Eng. met hem praten en hem vertelde hij het een en ander, zoo dat ze drie nachten per week dienst hadden en dat hij kort geleden onze Koningin nog gezien had in Londen. Hij gaf zijn adres en vroeg om aan zijn vrouw bericht te zenden. "Such a pity I am not fit next week, for than the play begins." 't Was een Jood van 25 jaar. De Dokter wilde hem naar 't ziekenhuis in Assen brengen - men had hem op zijn verzoek thee en sigaretten gegeven - doch de D. stonden dat niet toe en voerden hem eerst naar het vliegveld van Haren en daarna naar Leeuwarden. Waar bleef de vijfde? Den volgenden dag werd overal door D. patrouilles en vliegmachines die over ons cirkelden, gezocht. Poolsche vlieger liet bij het neerkomen een kaartje van Nederland zien aan een boer en vroeg hem, te wijzen waar hij was.

Terug naar bladzijde 43

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 45