Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 27 April - 11 Juli 1942

Terug naar bladzijde 61

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 63

42D CAHIER-2 

blz 62

{vel 2}

27 April              Daar Elly sedert twee maanden niets van Jan gehoord heeft, begrepen wij, dat zijn
zaak is voorgekomen. Vandaag telefoneerde E. dat dit inderdaad het geval is en dat wij het ergste moesten verwachten. Wij vragen ons af, of dit brengen n. Duitschland of het doodvonnis is.

28 Getracht in Nijmegen inlichtingen te krijgen, omtrent het gerucht dat er zeventig
doodvonnissen uitgesproken zijn, dit wordt bevestigd, het proces zou over 150 beklaagden loopen. Brief van El, die schrijft, dat J. veroordeeld is. Zij is het te weten gekomen door de advocate van Tine.
Jan zelf schreef een brief, meldde er niets van, maar vroeg, hem wat eetwaar te zenden, waarop zij dadelijk een pakje stuurde; dit kwam terug: vertrokken n. Utrecht. Zij ontving v. Jan een tweede brief, waarin{?} hij weer om eten vroeg. Hoorde van jonge v.M. hetzelfde.
De la Farine{?} 1) had clandestien een afscheidsbrief aan zijn ouders gezonden, waarin hij schreef dat ze morgen naar Utrecht gebracht zouden worden en dat het daar zou gebeuren naar hij meende.
Deze clandestiene brieven gaan ook door de D. handen, evenals de clandestiene antwoorden en zoo leeren zij de ware meening van de menschen kennen. "Bidt allen veel voor mij." Hij schreef dat zij om vier uur 's morgens gewekt waren en op de Amersfoortsche Berg gebracht waren. Duitsche officieren verdedigden hen - Holl. advocaten mochten zij niet hebben - en de verdediging was uitstekend; bij de veroordeeling hebben de officieren gratie aangevraagd. Het mocht niet baten.
Elly diende een verzoek om gratie in door middel van Delarue{?}; zelf ging ik naar Bosco om te trachten door Marchant voorspraak te krijgen, het mocht niet baten. Elly diende haar verzoek Donderdag 30 April in, en den morgen van den verjaardag van onze Prinses zijn de twee en zeventig, waaronder onze beste Jan, doodgeschoten.
Ds Bos was aangewezen om degenen die gefusilleerd zouden worden, in de laatste dagen bij te staan en vertelde dat het bewonderingswaardig was, zooals allen de dood moedig, haast blijmoedig tegemoet gingen in 't besef onschuldig te zijn, behalve het dienen v. hun vaderland.

{In de linkermarge: Sprak il piovano{?} C, G en C; de eerste liet mij de brief van ... lezen, waarin hij afscheid v. zijn ouders nam. Waarschuwde G. omtrent de jongens Champs de Bonheur/Douleur{?}. Men meende dat er reeds eenige executies hadden plaatsgevonden: De laatste C. wilde trachten contact met jonge C. te krijgen.
In Amsterdam 160.000.000 waarde aan brillianten in beslag genomen; de juweliers v. andere steden moesten ze daar ook brengen.}

{vel 3}

1 Mei Was de avond tevoren met een telefoontje naar M. geroepen, waar z.O. mij zeide,
misschien een weg te weten waarop Jan gratie zou kunnen verkrijgen. Geschiedenis van Marchant, waarvan de moeder liefderijk in Bosco-huis verpleegd werd; zij was verlamd. M. kwam haar dikwijls bezoeken, maar altijd als hij zekerheid had, zijn broers en zusters er niet te treffen. Was den middag v.d. eerste oorlogsdag reeds p. motorfiets aangekomen om te zien of zijn moeder in veiligheid was. Zijn onrustige nachten -
Bij aankomst zeer vriendelijk ontvangen; het wachten werd mij gekort door deelnemende aanspraak en een voor-oorlogsche hartversterking in de vorm van drie sneden heerlijke cake en een groote kan echte chocolademelk. Mevr. L. werd opgebeld en kwam en vertelde over haar neef de la Farine en de poging die zij voor hem gedaan had. Ook mevr.v.L.-L.d.L. kwam en vertelde v. haar


[1] Deze naam komt niet voor in de lijst van de 72, is waarschijnlijks een door Tante Nel bedachte schuilnaam voor van Meel. P.S.

 

Terug naar bladzijde 61

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 63