| 44R - Vervolg dagverhaal |
blz 261 |
Om iets te doen te hebben, houd ik mijn kamer in orde en mag, na enig
tegenstribbelen van de meisjes, de ontbijtboel afwassen benevens de
talrijke kopjes van de vorige avond. Gastvrij wordt ieder die
gezelligheid zoekt, in dit huis ontvangen; troepen komen en troepen
gaan, maar altijd weten een paar van de soldaten de weg naar onze keuken
te vinden. Vriendinnen van de meisjes wippen vaak even binnen doch
slechts zelden verschijnen er jongelui uit het stadje. Ravenstein is
niet rijk aan jeugdige vertegenwoordigers van het sterke geslacht en de
weinigen die er zijn houden zich afzijdig; in 't levendige besef dat er
tegen de zoveel aantrekkelijker militairen niet te concurreren valt. Nu
en dan brengen dorpsgenoten of vluchtelingen uit andere streken een
bezoek aan Miss Groesbeek. Zij, die dikwijls zo ongelukkig gehuisvest
zijn en menigmaal zwart aangezien worden indien er iemand bij hen komt
oplopen, koesteren zich in de huiselijkheid en de hartelijke ontvangst
die in dit huis aan een ieder ten deel valt. Inderdaad, ik heb het
uitzonderlijk getroffen met mijn kosthuis.
Mijn bezigheid 's avonds bestaat meestal in het stoppen van de kousen
voor een gezin waarvan de moeder de handen vol heeft. Twee Heer-Broers
vertrouwen haar hun beschadigde kousen ook toe; zouden zij weten dat
Protestantse vingers ze zo zorgvuldig herstellen? Voor die lange
geestelijke beenbekleding is er tenminste echte stopwol, de gaten in de
kindersokjes en de fijne dameskousen moeten bij gebrek aan iets beters
met draad van uitgehaalde exemplaren gestopt worden.
Hoe luttel is het aantal uren die met deze kleine werkjes gevuld zijn.
Tevoren was ongemerkt een groot deel van onze tijd door Paultje in
beslag
- 126 -
genomen. Welk een belangrijke en voor ons allen heilzame plaats heeft de
kleine jongen in ons vluchtelingenbestaan ingenomen.
Ik bied mijn diensten aan bij het evacuatiebureau en later, wanneer er
een afdeling van het Rode Kruis wordt opgericht in Ravenstein, bij het
Rode Kruis bureau. Zonder succes. Veel later pas, als ik verneem dat
deze baantjes bezoldigd worden, dringt de reden van die afwijzing tot
mij door. En ik onnozele, die niet anders veronderstelde of 't werk werd
pro Deo gedaan.
Met geen enkele liefhebberij kan de tijd gekort worden, voor handwerk,
voor schrijven of tekenen ontbreekt het materiaal, voor muziek het
instrument. Hoe sterk is het verlangen naar muziek, maar zelfs over de
radio konden wij geen muziek beluisteren, er was immers slechts juist
genoeg stroom en dan nog niet eens altijd, om de nieuwsberichten te
horen. Soms klonken daarna enkel welbekende tonen, het begin van een
symfonie, een opera, een sonate, die onverwijld werden afgedraaid; wat
later, zonder dwingende noodzaak, eveneens het geval zou zijn. Later
toen wij, dank zij de soldaten, op het electrische aggregaat dat voor
het Parochiehuis stond te ronken, aangesloten werden met een
clandestiene draad. Volgens het algemene gevoelen van de familie van
Tilborg was die muziek op de radio toch niks.
De welgevulde boekenkasten van Vogelsangh met hun overvloed van lectuur
op velerlei gebied, hoe duidelijk besef ik nu, er nooit genoeg gebruik
van te hebben gemaakt toen de gelegenheid er nog was. Een enkele rij,
een paar exemplaren slechts, zouden nu een niet genoeg te waarderen
schat hebben betekend. Ik stel mijzelf de bekende vraag: "Wat zou
de keuze bevatten zo gij er vijf boeken uit mee had kunnen nemen?"
Shakespeare komt zonder aarzelen bovenaan de lijst. En vervolgens? In
verbeelding speurt het oog de rijen langs, de handen pakken nu hier dan
daar een deel op. Het oordeel wikt en weegt: nog drie boeken,
- 127 -
boeken om niet één maal maar vele keren te lezen, boeken die voor een
geheel leven geestelijk voedsel verschaffen. Wij zoeken, wij nemen als
't ware nu dit en dan dat deel ter hand, de keus valt moeilijk.
Ondertussen heeft dit spel - meermalen zouden wij het spelen - de
heilzame uitwerking, al is het slechts voor korte tijd, om onze
gedachten in die verre rijke wereld te verplaatsen.
Vele indrukken, weleer opgedaan en half vergeten, worden weer levendig.
Ontmoetingen, landschappen, steden en musea, verhalen en allerlei zelf
ondervonden belevenissen. De herinnering, het arsenaal waar wij thans op
teren moeten. Verzen, schijnbaar vervaagd, laten hun rhytme klinken
|