| 45A - Terugkeer Vervolg |
blz 289 |
TEKST VAN EEN ONTWERP-BRIEF 1)
Den Heer Burgemeester
van de gemeente
Groesbeek
Edelachtbare Heer,
Naar aanleiding van Uw bekendmaking van 15 febr 45 wend ik mij tot U
met een verzoek.
Van bevriende zijde heb ik vernomen dat mijn huis zich nog in een
bewoonbaren staat bevindt en dat het door Canadeezen in gebruik is
genomen.
U weet hoe de huizen van Uw gemeente na de verplichte evacuatie door
onbevoegden ondersteboven gehaald en leeggeplunderd zijn.
Aangezien ik voorloopig niet terug mag keeren wend ik mij tot U met 't
volgende verzoek: Kunt U soms een vertrouwde persoon aanwijzen die zich
op de hoogte stelt in welke staat 't huis zich uit- en inwendig bevindt.
Wat er verder met al de overhoop gehaalde inhoud van kasten en laden en
meubels en servies gedaan is, hoe gehandeld is met de bevroren
waterleiding (De Heer Ostendorp heeft deze geïnstalleerd, dus op de
hoogte van de ligging der leidingpijpen.) en zou deze door U aangewezene
tevens verantwoordelijk gesteld kunnen worden dat niet meer vernield of
ontvreemd wordt.
Gaarne had ik het zelf als direct belanghebbende persoonlijk gedaan,
zoowel het uitzoeken der verspreide papieren als anderszins; kan
moeilijk aan vreemden worden opgedragen.
U begrijpt mijn teleurstelling bij het ontvangen van deze bekendmaking.
Toch vlei ik mij met de hoop dat u mij spoedig, na het verlaten van de
militaire bezetting van mijn huis, ontheffing van art I v/d verordening
v/d Comm.Mil.Gezag v/d Prov.Gelderland van 15/2-45 No 16 kunt verleenen,
aangezien (Booby-traps) ook niet aanwezig zijn.
Ik hoop dat U naar aanleiding van 't bovenstaande mijn verzoek zult
willen en kunnen voldoen.
[Einde tekst 45A]
[1) Of de brief zo verzonden is en of deze effect gehad heeft, is uit de
gevonden documenten niet na te gaan. P.S.
|