Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode Geschat 1 - 12 September 1942
{Losse velletjes, vermoedelijk 1 tot 12 sep 1942} Om half acht vertrokken Ineke en ik uit Groesbeek; Elly en Paultje -
in zijn nieuwe kamerjas, als een groote meneer - waren ook even aan ons
vroege ontbijt gekomen, want bij onze terugkomst zouden zij vertrokken
zijn. Onze reis begon met wachten in nijmegen, daar de trein pas om half
tien vertrok. Toen in eenen door naar Zwolle, daar om twaalf uur
aangekomen, onze boterhammen gegeten en om half twee per bus eerst door
polder Mastenbroek (groote boerderijen op terpen in het vlakke weiland,
veel kievieten, dan over de rivier en door Hasselt met zijn groote oude
kerk. Over de kronkelende dijk naar het zeestadje Zwartsluis, dat geheel
op de dijk is gebouwd, d.w.z. de weg loopt in allerlei bochten tusschen
de huisjes en door een zijgangetje zie je af en toe dat ze tegen de dijk
zijn aangekleefd, met letterlijk verdiepingen de helling af. In
Zwartsluis lang moeten wachten op andere bus. Dan St.Jansklooster:
Drentsch landschap, maar eerst hadden we nog het gezicht gehad op een
overgebleven stukje Zuiderzee. Een eindelooze watervlakte, aan de kim
een zware rookpluim; waarschijnlijk van de inpolderingswerken. Na
St.J.Klooster en de hooge watertoren de weg met boomen tusschen de meren in: de wijde watervlakte met aan
't eind een klein streepje land, de ronde lijnen van de boomen en een
enkel huis. Ronduite, de uitspanning van den Nsbeër Klomp, de werf van
Huisman. Blauwe Hand, waar een paviljoen bij is gekomen; de weg gaat 't
Noorden in, rechts het Zuideindiger Wiedegien, de boomen van Giethoorn Z,
daar zijn we bij de brug van het paardenpad, laden onze zakken er uit en
op Broer aan. De Vrouw is alleen thuis en helpt ons met uithoozen van de
cano's en inladen. Ineke heeft moeite Broer's haventje uit te komen, met
zijn lastige bocht. Even naar 't Zuid en dan het Wiede op. Er staat wat
golf, een paar zeilpunters varen rond. Dan bij de molens in en verder
door de dorpsgracht. Bij Mol oefende juist de gymnastiek; zoodra de
jongens ons bemerkten, liepen ze allen naar buiten. Hartelijke ontvangst
van juffr. Mol en verontschuldiging dat we niet de voorkamertjes konden
hebben, die waren nu bewoond door de twee water-maréchaussées. Juffr.
Mol zat er wat mee in, of ze er niets van zouden zeggen dat we het
verbod van cano- varen overtraden. We krijgen weer de zitkamer van de Mollen in
gebruik. een tijdje naar bleven kijken; mooie paarden uit de geheele omtrek. Hun toilet was keurig gemaakt, met gekleurde wol in de manen gevlochten. Een paar zwarte paarden met oranje, veel met wit. Onze tocht ging dien morgen door het geheele dorp naar het Zuideindiger Wiede, waar we een tijd bleven drijven; tamelijk veel wind, die ons een eind deed afdrijven. 's Middags 't begin van de vaart naar Meppel in en daar beschut in het riet gelegen en in 't water gegaan. Gingen 's avonds samen op weg
|