Op de losplaats bij het station is een groep houthakkers bezig met het kortmaken van boomstammen. De derde persoon van rechts is de houthandelaar J. Dekker. Rechts staat 'de botterfabriek'. De foto van 1915

 

In het dorp bi het station was het in de bosbessentijd een drukte van belang. Opkopers kochten op verscheidene plaatsten in het dorp de bessen van de plukkers op. De prijs was ongeveer tien cent per kilo. Met kar en paard werden de 'wasbèrre' naar het station gebracht, waar zij in de trein werden geladen en dan verder met de boot naar Engeland werden vervoerd. Op deze foto ziet van omstreeks 1920 herkennen wij van links naar Rechts: Wim Schoenmakers, Jan Hagemans boven het paard. De mannen die de mandjes vasthouden zijn niet bekend. Daaronder Gerrit Thissen en Dekker (handelaars), Jan Wijers (de Bul), Frans Peters (houthandelaar), voerman Kobus de Bruin, Jan Kosman van de Plak, ladingmeester Van der Weyden, een spoorman, J. Jacobs of Jan van Toon, Willy Dekker, Dos Cillessen (van Jaap) en marinus de Krujjff. 

 

Historisch overzicht van de spoorweg in Groesbeek in de periode 1865-1978

Hollandse IJzeren Spoorweg Maatschappij. Tot dat tijdstip had de HSM de lijn alleen in exploitatie, want via deze lijn liep de belangrijkste HSM verbinding met Duitsland. Van Amsterdam en Rotterdam naar Nijmegen, en via de laatste grensstop Groesbeek naar Kleef. Vanaf die tijd tot het midden van de dertiger jaren passeerden der te Groesbeek in de maand augustus (Maria Hemelvaart) per dag wel vijf à zes bedevaarttreinen op weg naar Kevelaer. Dit was het tijdperk van de emancipatie der katholieken, welke periode later omschreven zou worden als die van 'Het Rijke Roomse Leven'. De katholieken mochten in hun eigen woonplaats toen nog geen openbare processies houden. Zodoende togen zij per trein naar Kevelaer om daar in het openbaar de H. Maria te vereren. De trienen kwamen uit alle delen van het land: Groningen, Leeuwarden, Amsterdam,  Rotterdam, Utrecht. Maar ook uit Groesbeek vertrok eenmaal per jaar een trein vol met bedevaartgangers naar het Maria-Genade-oord, waarmede een eeuwenoude traditie in stand gehouden werd. De dertiger jaren zijn verder de geschiedenis ingegaan als de beruchte crisisjaren en deze kwamen bij de HSM blijkbaar hard aan, want in 1934 werd het station Groesbeek voor reizigersvervoer gesloten. De autobusdienst kreeg zijn kans. In 1936 werd het emplacement vereenvoudigd. In 1938 werden deze lijn en vele andere particuliere spoorlijnen overgenomen door de Nederlandse Spoorwegen (NS). Deze zagen ook geen winst in Groesbeek, zodat in hetzelfde jaar het station, het seinhuis, de bijgebouwen en perrons werden afgebroken. In plaats daarvan werd huidige dienstgebouw er neergezet: Blokpost T. ( Noot van de Webmaster: Blokpost T is in 1978 gesloopt en daarvoor in de plaats kwamen halve automatische halve overwegbomen AHOB deze hebben dienst gedaan tot de spoorlijn in juni 1991 definitief werd opgeheven.) De Spoorwegambtenaren waren intussen al uit Groesbeek verdwenen; het was stil geworden op het een zo bedrijvige emplacement. Ook voor de plaatselijke werkgelegenheid was dit een geweldige klap.

Als in 1940 de tweede wereldoorlog uitbreekt, heeft dit voor het treinverkeer geen nadelige gevolgen, behoudens dan de dag van de inval zelf. Verwonderlijk is ook, dat tijdens de oorlogshandelingen van 1944-45 de lijn geen grote schade opliep. In de zomer van 1940 is Groesbeek gedurende één maand voor reizigersvervoer geopend geweest en verder alleen nog maar voor speciaal reizigersvervoer zoals bedvaarten.... Toen omstreeks 1941 de 'Arbeidsdienst' in werking trad, vertrok iedere werkdag in alle vroegte een werktrein naar Kleef en Goch, waar honderden Nijmegenaren en Groesbekers al of niet tegen hun zin moesten werken. Verder stopte tijdens de Duitse bezetting  in Groesbeek 's-zomers een trien, waarin Duitse PTT meisjes naar ons dorp vervoerd werden. Als zij hun best gedaan hadden, kregen de meisjes van de Duitse Posterijen een week vakantie in Groesbeek aangeboden. Dat de aankomst van de trein door vrijgezellenjongens met veel belangstelling werd gadegeslagen, zal een overbodige kanttekening zijn. Een minder gezellige zaak was de aanleg van een spoorlijntje, dat van het emplacement naar de Staatsbossen liep. In het bos legden de Duitsers een munitie opslagplaats aan. Het zogenaamd 'bommentreintje' zorgde voor de aan en afvoer van dit gevaarlijke spul. Vooral tegen het einde van de bezetting (september1944) beleefde ons dorp spannende dagen. De opslagplaats moest ontruimd worden, zodat het bommentrientje dagelijks door het dorp reed. Eens heeft een trein van 20 wagons vol bommen en granaten op het emplacement moeten rangeren, terwijl boven in de lucht Engelse vliegtuigen op jacht waren naar hun prooi.... Tijdens de oorlogshandelingen van 1944-45 werd de spoorlijn danig beschadigd. Toen de lijn gerepareerd was, reden er dagelijks legertreinen van het geallieerde bezettingsleger via Groesbeek naar Duitsland. Over deze periode kan een hoofdstuk apart geschreven worden: denken wij aan het plunderen van de kolentreinen en het ruilen en bedelen bij de treinen, waarin de Engelse en Canadese soldaten vervoerd werden om in Duitsland dienst te doen. In deze

Pagina (1-2-3-4-5-6-7-8)