| 45A - Terugkeer Vervolg |
blz 283 |
spanten der wagen. De vader en ik zitten ieder op een smal bankje,
Adriaan de zoon heeft plaats genomen op een benzineblik en sliert
daarmee ongewild kruislings over de vloer, onderwijl met horten en
stoten verklarend dat hij zoo een ambulance wagen een moorddadig
transportmiddel voor zieken en gewonden vindt.
De permits worden vlot uitgereikt en daarna volgt een hartelijke
ontvangst en een uitgezocht, gezellig maal in het gastvrije Fratershuis,
waar de Protestantsche vluchteling als een familielid onthaald wordt.
Dan breekt de dag 1) aan waarop wij naar Groesbeek zullen gaan en
misschien er blijven. Lien verheugt zich als een kind, ik ga met
bezwaard hart, denkende aan de verhalen van verwoesting en plundering.
Op raad van Captain Love nemen wij slechts het allernoodigste mee, onze
rugzakken en een paar dekens. Wij worden in de kleine hoge vrachtwagen
geheeschen die hem als officierswagen dient sedert hij zijn auto kwijt
is geraakt en met veel grijze dekens gemakkelijk geïnstalleerd.
- 5 -
ontbreekt
- 6 -
opzij van de weg zijn getrokken. Langs de weg bundels kleurige
veldtelefoondraden geslingerd door de boomen of eenvoudig op den grond
liggend. De geblakerde overblijfselen van woningen die wij in het najaar
zagen branden: de Tien Geboden, het huisje onderaan de Klef, de huizen
van timmerman Nillesen en zijn buurman. Van de nog staande woningen zijn
voorpuien ingereden om in de voormalige winkels wagens te stallen. Bij
het aanschouwen van de verwoestingen propt een brok in de keel, Lien
schieten tranen in de oogen. "Better go back?" vraagt Captain
Love. Wij vertrouwen onze stem niet, schudden ontkennend het hoofd. 't
Oude Ottenhofhuis draagt het spottende opschrift: Royal Bank of Canada,
de zijgevel is er geheel afgevallen, onbenullig staat in de open opkamer
een ijzeren ledikant.
De wagen stopt bij onze heg; tegen het donkere warrige meidoornhout
plekken de uitbottende blaadjes als groene kwastjes. De boomen rekken
hun kale takken er boven en daarachter rijst Vogelsangh op, met gebroken
ruiten en op kluiten afgegleden dakpannen, zooals wij het een klein half
jaar geleden verlieten en nog even veilig en als onverwoestbaar!
De oprit is doorgroefd met twee diepe voren van alle zware legerwagens
die er langs reden, gele en groene telefoondraden slingeren zich door de
omzoming van rhododendrons, waar de doorgeschoten oude thuyas gebroken
overheen hangen. De bosviooltjes langs de rand geuren sterk.
Hier geen puin en rommel om 't huis, keurig aangeharkt ligt het grind,
alsof de tuinman het zoo juist een Zaterdagsche beurt had gegeven. Bij
de achterdeur is een soldaat met strijkijzer bezig de kunstige vouwen in
een buis 2) te persen, Captain Love laat zich door hem naar den
Commandant geleiden die bureau houdt in 't tuinhuis. Witte banden vormen
een afzetting om dit heiligdom dat onder bewaking van een schildwacht
staat; met en echt Engelsch ceremonieel wordt onze Captain toegelaten.
Al wachtende kijken wij rond. Ook door de grasvelden loopen diepe
wielsporen, bij het vijvertje en onder de hooge boomen zijn eenige
bruine tentjes opgeslagen. Het gerommel van 't geschut klinkt hier niet
zooals aan den anderen kant van de
Vermoedelijk
Woensdag 21 Maart 1945. P.S.
Battledress-jasje.
P.S.
|