|
[vel 22]
1947
Januari 4. Vandaag begint 't te vriezen, opnieuw. Vorst neemt snel toe,
misère in de
noodwoningen met steenen vloeren. Bij Kersten in de Dries waar juist 15de kind
geboren, wanden geheel met ijs bedekt, zelfde bij noodwoningen op Plak.
9. Ontzettend glad, dooi komt door. 's Morgens ging Arie van de bakker met
kar naar
Meerwijk, ging om gladdigheid achter de boomen loopen en kwam daarbij bijna op
landmijn die er nog lag.
Woensdag 15 zacht weer, op Jan's verjaardag {16 jan} zelfs 50 graden
Fahrenheit {10 oC} overdag.
Na Elly's verjaardag {20 jan} werd 't kouder, vorstdagen, Zondag 26 bar koud
met N.O.storm, 12o {-11 oC} 's morgens.
Maandag 27. 's Morgens 16o {-8 oC}. Onder 't eten 's middags telefoon van
Mevr.Mulder uit
W.bork dat Rein door de koude bevangen op de weg overleden is. Dr.M. zeide dat
't een wonder was dat hij nog zoo lang n.Vught geleefd had. Den voorafgaande
week was hij drie malen n. Westerbork gefietst, hij kwam graag bij zijn
vrienden daar. Zondag had hij den geheelen dag gewerkt aan Herinneringen aan
de oude Drentsche schilders, waarom Dijkstra hem gevraagd had voor 't
tijdschrift Erica. Tot 's avonds laat - 22 's nachts ? - tot Andrée zeide dat
't nu bedtijd was. Stond volgende morgen om 7 uur op en maakte 't artikel af.
{In de marge: Ook had Rein in de voorafgaande week afgemaakt voor een dokter
die 't besteld had 't schilderij "Palmpaaschen", in teere
voorjaarskleuren.} Ging om 2 uur naar vrienden in Westerbork, 't was koud,
doch zonder wind, helder zonnig. Ging tegen vijven op terugweg, ondertusschen
was een koude N.Ooster opgestoken. Nog vlak bij 't dorp, tusschen 't hout,
bemerkte hij dat hij er niet tegen op kon en stuurde langskomend meisje met
zijn fiets n. Dubbelboer om hem met auto op te halen. Een p. arbeiders die
even later langs kwamen fietsen vonden hem op
[achterzijde vel 22]
den kant van de weg op een walletje zitten, de eene bleef bij hem, de
andere ging dadelijk den dokter waarschuwen. Dubbelboer kwam met zijn wagen,
gevolgd door den dokter in zijn auto, D. zegt dat Rein hem met volle
bewustzijn aanzag, maar niet sprak. Daar hij niet loopen kon, droegen zij hem
in de auto, en reden n. Elp, gevolgd door den Dr. In de wagen verloor R. het
bewustzijn, toen de wagen voor 't Heidehuis stopte, was het leven geweken. Mr.Scherf
oud-medegevangene uit Vught, waarvan de dochter onderwijzeres in Elp was, is
den volgenden dag bij Andrée gekomen om haar met alles te helpen.
Vrijdag {31} gingen Zus en ik in felle koude n. Assen en logeerden in hotel
voor 't station om
Zaterdagmorgen p. bus - de thermometer wees 5 graden Fahrenheit {-15oC} - over
Hooghalen en Zwiggelte n. westerbork te gaan, hier haalde een auto van
Dubbelboer ons op en bracht ons naar 't Heidehuis. Ontvangen door Victor, in
de kamer door Andrée, hier waren ook Mr.Scherf en de Dijkstra's. {In de
marge: Mr.Scherf sprak ons over 't Toeziende Voogdschap, of Zus of ik dat
wilden aanvaarden, wij raadden dr.Dozy in Amsterdam aan.} Al spoedig vulde de
kamer zich meer en meer: Greetien en Hartman, Boer Pol van 't Oranjekanaal met
vrouw, zonen en dochters, Kolonel Ketelaar, Mr.Klaverdik en vrouw, alle buren,
verdere dorpsmenschen en menschen van buitenaf. 't Wachten was op Ds.Jospin,
de Waalsche predikant van Haarlem, wiens trein vertraging had.
Ds.Jospin, reserve-officier van 't Fr.leger, afkomstig uit de Cevennes, in '37
als Waalsch predikant in Haarlem benoemd, in '39 opgeroepen als officier,
vocht tegen de D., wist aan gevangenschap te ontkomen, vluchtte in Poitou,
waar hij predikantsplaats kreeg en ongehinderd leefde in zijn pastorie
|