|
Vrijdag 12. Vrij vroeg ontbeten, x, na een hartelijk afscheid
geloopen tot Willemsplein, zag
aldaar wachtende voortdurend D. colonnes doortrekken, het grootste deel
ging A'damsche straat op, om half tien vertrokken per tram naar
Oosterbeek en vandaar per bus tot Wageningen. Van Wageningen is het
Oostelijk en het Westelijk deel zwaar beschadigd, er tusschen in ligt
een tamelijk gaaf stuk. Blijkbaar is langs de hoofdstraat geschoten en
het W. deel gebombardeerd. Van de kerk staan nog slechts de muren, de
ramen zijn er gedeeltelijk in gebleven. Ontelbaar veel fietsen, verroest
en zonder banden, in de puinhopen. Kantongerecht stukgeschoten, tusschen
huizen in, die ongedeerd zijn gebleven. Verder de lange rechte eikenlaan
door de Geldersche vallei gevolgd. 't Was een vrij koele, hoewel zonnige
morgen, uitgezocht weer om te loopen. Hetzelfde weer als Mama en ik nu
bijna een jaar geleden hadden, toen wij onze autotocht naar de Bilt
maakten en ook deze zelfde weg volgden, waarbij ik weinig dacht, binnen
het jaar dit alles in zoo geheel veranderde omstandigheden te zullen
terugzien. Misschien juist omdat hetzelfde
vel 2
heldere zonlicht over dezelfde frisch groene omgeving viel, troffen
alle tegenstellingen des te meer. De boomgaarden geleken onveranderd,
doch over de weg raasden D. auto's en motorfietsen. Het huis Nudenoord,
dat met een hoek tegen de weg aanstaat, vertoonde vele moeten van
kogels. Raadselachtige schot dat in de lucht gelost werd vanaf
proefakker landbouwschool door een arbeider op ongeveer 50 Meter van mij
af. Voorbijgaande D. sloegen er geen acht op, hoewel de man met het
gezicht naar de weg stond. Hier en daar lagen kleine versterkingen in
akkers en boomgaarden verscholen, de verspreide boerderijen waren
vernield en de teruggekeerde bewoners huisden in keeten of schuurtjes.
Ontelbare kogelgaten in de eiken langs de weg, aan de Noordwest- en de
Zuid-Oostzijde. In één eik aan de Z.O.zijde, een meter van den grond
af: ronde plek meet ongeveer vijftig kogelgaten - Executie van
dienstweigeraars?
De boomen getuigden in stilte van wat hier voorgevallen is: verdorde
kruinen, verschroeide of afgeschoten takken en een enkele, die
doormidden geschoten neergebroken lag. Zooals ook de boomen van de
Grebbeberg, ondanks alles wat regens uitgewischt en menschen nu reeds
opgeruimd hebben, het beeld geven van de verwoede worsteling die hier
uitgevochten is en nog zullen geven indien alle andere teekens verdwenen
zijn. Vóór de Grebbesluis, waar de boomenrij ophoudt, liggen de resten
van het stukgeschoten en verbrande sluiswachtershuis en links, langs de
weg naar het veer een streng verboden terrein vol gaten en hoogten {In
de marge: mijnenveld, begraafplaats?. De Grebbesluis is vernield
geweest; er werd nu druk aan gewerkt en een nieuw brugdek maakte de
overgang mogelijk. Het huis van de Nichten 1), Grebbestein, is wel zwaar
beschadigd, doch staat nog geheel overeind, dank de Napoleontische bouw.
Vier granaten hebben het getroffen; naar men mij vertelde afgeschoten
van de Wageningsche Berg. Groote gaten gapen in de dikke muren; de
gesloten jaloezieën en blinden hangen gedeeltelijk stuk, alle ruiten
natuurlijk verdwenen en de muren vol gaten van kogels en
granaatscherven. Het maakt de indruk dat er om en in dit huis zwaar
gevochten is; ook zooals de verwoeste tuin er uit ziet: platgetrapt, met
vernielde struiken, enkele van de zware eiken omgehakt, verhavende
rhododendrons, maar een rozenboog stond ongehavend en wit te midden van
de chaos, zooals in de groote zitkamer een onbeschadigd schilderij in
zijn gouden lijst hing. De familie de Boer, die het huis bewoonde, heeft
tijdig kunnen vluchten en scheen ook nog een deel van de inboedel in
veiligheid gebracht te hebben.
Aan de weg naar Heimerstein stond links een barak, in 't midden door een
granaat getroffen. Op het terrein er voor stapels rommel van de
Onbekend.
P.S.
|