Het Oorlogsdagboek van Mej. P Dozy over de periode 18 - 21 September 1944 Vervolg

 

Terug naar bladzijde 154

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 156

44F Dagverhaal Vervolg

blz 155

Binnentredende klonk uit de onderwereld de wŤlbekende zware stem met vrijwel dezelfde bewoordingen waarmede de patienten uit de wachtkamer naar de spreekkamer werden geroepen: "Wie is daar? Kom maar beneden!" Een hoekje van de grote kelder was met enige gemakkelijke stoelen, een tafel en nog enkele andere dingen voor woonkamer ingericht; de familie zat er bij het licht van een dikke kaars. Granaten gierden over het huis heen; angstwekkender, hoe vreemd het ook klinken moge, in deze betrekkelijke veiligheid dan buiten in de vrije lucht. De ontploffingen ontlokten de dochter van de Dokter de wel zeer letterlijk juiste opmerking dat 't levensgevaarlijk was om er nu door te gaan en haar vader bromde: "Blijf gerust nog maar wat hier, je zit ons niet in de weg."
Dus geduldig afgewacht om op een gunstig ogenblik de korte afstand
- 33 -
naar Vogelsangh met snelle schreden af te leggen. Thuis had men zich over het lange uitblijven ongerust gemaakt, wat geen wonder was want de klok wees acht uur. In de kelder - de granaten huilden en bonkten opnieuw door de lucht - het voor mij bewaarde bord hutspot opgegeten, 't was welkom aan een hongerige maag.
In de loop van deze dag zijn de Duitsers weer vanuit het Wald opgetrokken naar de Bruuk en naar Wyler doch de Geallieerden hebben hen kunnen terugdrijven. De bewoners van het lage gedeelte komen al meer en meer naar het dorp vluchten, waar zij veiligheid menen te vinden. Een veiligheid die zeer betrekkelijk is, dagelijks worden woningen en mensen getroffen. Dicht bij ons in de buurt vond de oude petroleumman G. de dood terwijl hij even vanuit de schuilkelder in de hof naar huis liep om iets te halen. Het achter de katholieke kerk gelegen huis van de tuinjongen T. is getroffen, zijn vader en zuster kwamen hierbij om. De broeder van T. werd enige dagen geleden dood gevonden op de deel van een boerderij op de Lubert waar hij melk wilde halen. 't Schijnt wel alsof bepaalde gezinnen onder de doem van het noodlot staan: een andere zuster werd het slachtoffer van het bombardement van Nijmegen in '42.
Om tien uur 's avonds klonk een verwoed blaffen van de vijandelijke batterijen. Het vuur was op de Wolfsberg gericht, op het kamp waarin de Duitsers zeker veronderstellen dat de Amerikanen gelegerd zijn, doch in werkelijkheid zijn de NsbeŽrs en de Duitse krijgsgevangenen er in opgesloten. Met een zeker leedvermaak stelden wij vast hoe zij door hun eigen vrienden op een portie angst onthaald worden.
Na een half uur hield het vuren op en 't werd ongewoon stil na de rumoerige dag. Ook 's nachts bleef het rustig; slechts af en toe wat gerucht van schoten, vliegtuigen en bommen. In de verte, in het Noorden bromden voortdurend de kanonnen.
De vorige nacht was 't mij in de kelder maar matig bevallen; voor deze
- 34 -
nacht verkoos ik de divan in de eetkamer als legerstede, en ondanks de waarschuwing dat hij bikkelhard was, sliep ik heerlijk in de stilte van de eenzaamheid. In de kelder had wel ieder zijn best gedaan om niemand te hinderen, maar toch hielden wij elkander uit de slaap. Nu kraakte een stoel, dan werd de bladzij van een boek omgeslagen, de een kuchte en de ander zuchtte of draaide zich om. De honden werden onrustig in de ongewone omgeving en bedachten dat 't een aardig verzetje zou wezen om even uitgelaten te worden. Alleen Paultje sliep vast, de slaap des onschuldigen.

Woensdag 20 September.

Ineke's verjaardag, die zij onder wel zeer vreemde omstandigheden doorbracht. Aanvankelijk was 't kalm; wij raapten in de boomgaard de gevallen vruchten op en Ineke ging melk halen op de Lubert. Zij was nog maar net terug of de kanonnen begonnen opnieuw te donderen en af en toe knetterden machinegeweren er tussen door.
De Geallieerde batterijen zijn in een kring op de heuvels om het dorp opgesteld: bij de boterfabriek, op de Wolfsberg, op de Schrouwenberg en vlak achter ons op de Panoramaberg. De baan der granaten van deze laatste batterij ligt over Vogelsangh, zodra er geschoten wordt is het

 

Terug naar bladzijde 154

Terug naar de inhoud

Naar bladzijde 156