Dagboek van dienstplichtig soldaat Martien Zilessen uit Groesbeek tijdens zijn verblijf in Nederlands - Indië in de periode 1947 -1950

Ergens in Nederlands - Indië

 

Zaterdag 23 Augustus 1947:

Gisteravond brachten een stel jongens, uit de kampong (= plaatselijk dorpje) een slang van 1.50 meter lang. We hebben ze binnen opgehangen. Toen van den nacht een jongen eruit moest, ontdekte hij dat er een van dezelfde grootte vlak naast zijn bed om de balk zat. Hij schrok zich bijna dood. De rest schrok wakker, en toen er met de banjonetten achteraan, totdat hij kapot was. Nu hangen er hier twee ! Gisterenmiddag hebben ze op den weg naar Bombaroe een varken geschoten. Vanmorgen heeft den aalmoezenier hier de Mis gedaan. Gisterenavond kregen wij bericht van onzen kolonel, dat ons peleton de meeste berichten en goede berichten had binnengebracht en daarom ’t beste was !!

 

Vrijdag 29 Augustus 1947:

’s Morgens op patrouille geweest. Toen we thuis kwamen had ik een beetje hoofdpijn, en ben ik naar bed gegaan.

 

Zaterdag 30 Augustus 1947:

’s Morgens naar de Mis geweest, maar nog steeds hoofdpijn. Ik wilde op ziekenrapport maar dat was te laat. Ik heb den helen dag op bed gelegen. ’s Avonds had ik zware koorts. Kapitein Hesse was juist dar, die heeft toen ’s avonds om half twaalf ’t hospitaal nog opgebeld.

 

Zondag 31 Augustus 1947:

Nog steeds hoofdpijn. ’s Middags heeft de Roodekruiswagen mij gehaald, en naar ’t hospitaal in Bombaroe gebracht. Het is malaria !!

 

Maandag 1 September 1947:

Nog steeds hoofdpijn. ’s Nachts weinig geslapen. Mag me niet wassen…

 

Dinsdag 2 September 1947:

Een stuk beter.

 

Maandag 8 September 1947:

Uit ’t hospitaal ontslagen, maar mag nog geen dienst doen. Voel me weer heel goed.

 

Woensdag 10 September 1947:

’s Avonds om 9 uur met de luit en korporaal Eikhout op patrouille gegaan met de prauw (=smalle houten roeiboot). ’s Nachts in Gassing, bij de oude Pasiera geslapen. (Noot van Leo Zilessen: Eikhout heeft later in de Bremstraat op de Stekkenberg gewoond. Puur toevallig was ik op de Mavo omstreeks 1970 ook bevriend geraakt met zijn zoon Wil.).

 

Donderdag 11 September 1947:
’s Morgens om 9 uur opgestaan, goed rijst gegeten en om 11 uur zijn we verder gegaan. ’s Middags hebben we bij een kappalla kampong op de ladang (of ladong ?) gegeten en zijn daarna verder gegaan. ’s Avonds in de prauw gegeten. ’s Nachts kwamen we in (hier staat geen naam) aan, daar sliepen we op een matje, maar ik heb goed geslapen.

 

Vrijdag 12 September 1947:

’s Morgens om 9 uur opgestaan en acht man opgehaald en verhoord. Zij moesten mee naar Kenten (?).

Terug naar pagina 13

Terug naar het begin

Naar pagina15